U moet Javascript inschakelen om deze website te bezoeken.
U probeert deze website te bezoeken via Internet Explorer.
Deze website ondersteunt Internet Explorer niet.
Vanaf 2019 adviseert Microsoft aan Windowsgebruikers om te stoppen met het gebruik van Internet Explorer als standaard webbrowser.
Overweeg om één van de volgende gratis browsers te downloaden op uw Windowscomputer:
Wij hopen u gauw te mogen verwelkomen op Openluchtmuseum.nl!
Winters Vermaak op het ijs en door de sneeuw
In 1931 krijgt de elfjarige Cees Taillie van zijn vader deze slee van het merk Davos. Bijna een eeuw later is de vorm van deze populaire slee nauwelijks veranderd: nog altijd wordt hij bij de eerste sneeuwval enthousiast uit de schuur gehaald. De slee van Cees vormt deze winter het slotstuk van een rij historische sleeën in het museum, elk met een eigen verhaal. Lees je mee?
Prikslee
Om zijn slee te laten bewegen heeft Cees hulp nodig van een tweede persoon – bijvoorbeeld zijn vader – die met een touw de slee voorttrekt. Of hij moet op zoek naar een mooie helling waar hij vanaf kan glijden. De berijder van deze prikslee kan helemaal zelfstandig voortbewegen met behulp van twee stokken. Hierdoor is het een handig vervoersmiddel over het ijs, maar ook geschikt voor wedstrijden. Zou C. Hooijberg dit in 1904 ook hebben gedaan? We weten helaas niet veel over de eigenaar van deze slee.
Vergeleken met andere priksleeën is deze slee vrij simpel versierd. Vooral in Hindeloopen vliegen rijkversierde priksleeën over het ijs. Waaghalzen die uit de bocht vliegen laten zien dat ook de onderkant versierd kan zijn. Wie voorzichtiger van aard is kan in de Hindelooper Kamer in het museum de onderkant van een prikslee bekijken; ’s zomers wordt de slee daar veilig aan het plafond gehangen. Verstopt achter de rugleuning – ook wel een hakkebord genoemd – van dit exemplaar prijkt een winters landschap.
Duwslee
Ook op deze negentiende-eeuwse duwslee zijn verschillende Hollandse winterse taferelen te zien. Gemaakt van eikenhout en versierd aan de zijkanten met een bloemmotief, kan in deze kinderslee de berijder afgedekt met een deken blijven zitten terwijl een tweede persoon de slee voortduwt over het ijs. Ook wel een bakslee of toog genoemd. Naast personen kunnen er ook spullen mee worden vervoerd, wat het een handig vervoersmiddel over het ijs maakt. De slee is hoger, om de rug van de duwer te sparen.
Arrenslee
Het pronkstuk van deze reek sleeën is de arrenslee. Deze rijkversierde slee heeft een boeg in de vorm van een zwaan en wordt door een paard getrokken. Één persoon past in de zwaan zelf, een tweede – de bestuurder – op het zadel daarachter. Een eekhoorn met eikeltje vormt het boegbeeld van de slee.
Sleeën in de vorm van schelpen, zeemonsters of dieren waren in de zeventiende eeuw al populair. Op een afbeelding uit de huishoudelyke hollandsche jufferlyke almanach uit 1771 pronkt een arrenslee die erg lijkt op het exemplaar van het NOM.
Wie de eigenaar is van deze arrenslee weten we helaas niet, maar een dergelijke slee is niet goedkoop. Op het ijs is iedereen gelijk wordt vaak gezegd, maar hetzelfde geldt niet voor sleeën. Met de verschillende soorten sleeën en door uitbundige versieringen kunnen mensen hun afkomst laten zien. Maar plezier, dat zal vast iedereen gehad hebben op het ijs – ook Cees Taillie met zijn ‘eenvoudige’ slee!