Dieren  Nederlands Openluchtmuseum, Arnhem

Dieren

Hebt u jonge kinderen of kleinkinderen? Neem dan eens een kijkje op het Kindererf! Uw kinderen kunnen daar van héél dichtbij kennismaken met koeien, kippen, konijnen en alle andere dieren die op het Kindererf te vinden zijn.

Dieren horen van oudsher bij het landbouwbedrijf. Dankzij de dieren waren er voor mensen zaken als voedsel, drank, kleding, schoeisel, medicijnen en gebruiksvoorwerpen. De mest van de dieren was goed bruikbaar om de grond vruchtbaarder te maken. Paarden en ossen werden gebruikt als trekkracht.

Zeldzame huisdierrassen

Sommige dieren zijn in de loop der tijd 'overbodig' geworden. Het paard bijvoorbeeld is niet langer nodig als trekkracht, omdat machines nu het werk doen. Veel dieren die vroeger op elke boerderij te vinden waren, zijn nu zeldzame (landbouw)huisdierrassen geworden. Het museum laat er een aantal zien.  
 
Koeien
In het museum, vooral in de buurt van de boerderij uit Staphorst, vindt u Groninger blaarkoppen, Brandroden, Witrikken, Baggerbonten en Maas-Rijn-IJsselveel.

Kippen
Verspreid over het hele museumterrein zijn meer dan tien verschillende hoenderrassen te vinden, waaronder de Assendelfter, Chaamse hoenders, Drentse hoen, Twentse hoen, Hollandse kuifhoen, de Nederlandse baardkuifhoen, de Kraaikop en de Noordhollandse blauwe. Het museum werkt nauw samen met de Nederlandse Hoenderclub.

Paarden
In juni 2008 overleed Bart, het enige trekpaard in het museum. Omdat paarden niet graag alleen zijn, heeft het museum nu twee paarden: Tinus, een Gelders paard en Omar, een Gronings paard.

Schapen
Op verschillende plaatsen in het museum ziet u het Drents heideschaap, de Schoonebeeker en het Veluws heideschaap.

Biologische veeteelt
De veeteelt in het museum wordt op biologische manier gedreven. De dieren zijn geen echte productiedieren. De koeien bijvoorbeeld mogen hun kalveren langer zogen dan in de veeteelt gangbaar is. De mest van de dieren wordt gebruikt voor de tuinen, akkers, boomgaarden en weiden.