Techniek in educatieve projecten, annsluitend op programma Verbreding Techniek Basisonderwijs  Nederlands Openluchtmuseum, Arnhem

Techniek in educatieve projecten

Veel basisscholen doen mee aan het Programma Verbreding Techniek in het Basisonderwijs. Zoals bekend stimuleert het Ministerie van Onderwijs & Wetenschappen basisscholen om meer aan “techniek” te werken.

Het Nederlands Openluchtmuseum heeft een leuk educatief aanbod voor alle groepen van het basisonderwijs. Daarbij sluiten we aan bij de kerndoelen. Het gaat hierbij logischerwijs over kerndoelen verbonden aan geschiedenis, cultuur, wereldoriëntatie en leren samenwerken. Maar ook techniek is bij een aantal van onze schoolprogramma’s een belangrijk bestanddeel. Daarbij staat het ontdekkend leren – zelf doen – centraal. Hieronder een overzicht van de educatieve projecten waarin techniek aan de orde komt: 

Brood! Dat koop je toch gewoon in de winkel? (groep 3 t/m 8)

Van graankorrels wordt brood gemaakt. Hoe gaat dat in zijn werk, wat is daarvoor nodig? Het productieproces om tot een brood te komen ligt buiten de leefwereld van kinderen. Wij brengen dat naar hen toe. Er ligt veel techniek aan ten grondslag. Alle basisprincipes die hier aan de orde zijn, maken de leerlingen zelf mee.

Het project Brood sluit aan bij de volgende kerndoelen:
(44) De leerlingen leren bij producten uit hun eigen omgeving relaties te leggen tussen de werking, de vorm en het materiaalgebruik.

Dossier bouwen, bouwen in de 18e en 19e eeuw (groep 5 t/m 8)

De leerlingen gaan aan de slag met verschillende bouwmaterialen. Ze steken flink de handen uit de mouwen om verschillende aspecten van oude en moderne bouwtechniek toe te passen. Er worden vloertegels gelegd, muren gevlochten en geleemd en dakpannen geplaatst.

Het project Bouwen sluit aan bij de volgende kerndoelen:
(44) De leerlingen leren bij producten uit hun eigen omgeving relaties te leggen tussen de werking, de vorm en het materiaalgebruik.
(56) De leerlingen verwerven enige kennis over en krijgen waardering voor aspecten van cultureel erfgoed.

De afsluitende les sluit ook aan bij de volgende kerndoelen:
(47) De leerlingen leren de ruimtelijke inrichting van de eigen omgeving te vergelijken met die in omgevingen elders, in binnen- en buitenland, vanuit de perspectieven landschap, wonen, werken, bestuur, verkeer, recreatie, welvaart, cultuur en levensbeschouwing. (…)
(50) De leerlingen leren omgaan met kaart en atlas, beheersen de basistopografie van Nederland, Europa en de rest van de wereld en ontwikkelen een eigentijds geografisch wereldbeeld.

Dingenliefde, hoe en wat bewaart een museum? (groep 6 t/m 8)

Het opslaan en bewaren van museumstukken vergt behoorlijk wat technisch vernuft. Het mag niet te warm, te koud, te licht, te vochtig of te droog zijn. Met deze kennis in het achterhoofd voeren de leerlingen allerlei actieve opdrachten uit in het depot. Zo maken ze bijvoorbeeld kennis met oude en minder oude gebruiksvoorwerpen waarvan de functie niet (meer) in één oogopslag duidelijk is. Daarnaast komen ze oog in oog te staan met allerlei ongedierte, maken ze een filmpje en leren ze hun eigen (paarden-) kracht kennen.

Het project Dingenliefde sluit aan bij de volgende kerndoelen:
(56) De leerlingen verwerven enige kennis over en krijgen waardering voor aspecten van cultureel erfgoed.
(4) De leerlingen leren informatie achterhalen in informatieve en instructieve teksten

Dossier Kinderarbeid, kinderen als arbeidskracht, vroeger en nu (groep 7 en 8)

De ontwikkeling van techniek en de toepassing daarvan heeft in de loop der tijd belangrijke gevolgen gehad voor de werkomstandigheden (veiligheid, hygiëne etc). Kinderen hebben altijd meegewerkt, maar de context veranderde met de tijd. De leerlingen onderzoeken in groepjes hoe de werkomstandigheden waren en ervaren aan den lijve wat kinderarbeid betekent.

Het project Kinderarbeid sluit aan de bij de volgende kerndoelen:
(53) De leerlingen leren over de belangrijkste historische personen en gebeurtenissen uit de Nederlandse geschiedenis en kunnen die voorbeeldmatig verbinden met de wereldgeschiedenis.
(1) De leerlingen leren informatie te verwerven uit gesproken taal. Ze leren tevens die informatie, mondeling of schriftelijk, gestructureerd weer te geven.
(2) De leerlingen leren zich naar vorm en inhoud uit te drukken bij het geven en vragen van informatie, het uitbrengen van verslag, het geven van uitleg, het instrueren en bij het discussiëren.
(3) De leerlingen leren informatie te beoordelen in discussies en in een gesprek dat informatief of opiniërend van karakter is en leren met argumenten te reageren.

De afsluitende les sluit ook aan bij de volgende kerndoelen:
(4) De leerlingen leren informatie te achterhalen in informatieve en instructieve teksten, waaronder schema’s tabellen en digitale bronnen.
(6) De leerlingen leren informatie en meningen te ordenen bij het lezen van school- en studieteksten en andere instructieve teksten, en bij systematisch geordende bronnen, waaronder digitale bronnen.