Kleur Bekennen  Nederlands Openluchtmuseum, Arnhem

Kleur Bekennen in streekdracht en kotomisi

Openluchtmuseum bekent kleur

"Kleur Bekennen in streekdracht en kotomisi", is de nieuwe tentoonstelling in het Nederlands Openluchtmuseum. Vanaf donderdag 2 juni toont de expositie een uitdagende ontmoeting van Nederlandse streekdracht en - niet eerder getoonde - historische Surinaamse kotomisikostuums. Bezoekers ontdekken hoe deze traditionele kleding een stukje van de identiteit van de dragers blootgeeft. Verborgen boodschappen die vaak verrassend herkenbaar zijn.

Kleding en identiteit

Met onze kleding vertellen we wie we zijn en waar we voor staan. Een skater kleedt zich anders dan een modeontwerper, een vrouw uit Spakenburg onderscheidt zich van een Nederlandse moslima. Kleur bekennen met wat je draagt is van alle tijden.

Streekdracht vertelt veel over mensen. Waar kwamen ze vandaan, naar welke kerk gingen ze, waren ze rijk of arm? Vierden ze feest of waren ze in de rouw? Wat deden ze voor de kost? Kleur Bekennen laat veelzeggende voorbeelden zien uit diverse delen van ons land. Ook een Surinaamse kotomisi weerspiegelt de omstandigheden van de draagster. Veel drukt zij uit met de keuze van de stof en het model waarin haar hoofddoek, de angisa, is gebonden. Met de vorm van de hoofddoek kan zij ook heel persoonlijke boodschappen overbrengen. Bekende vormen zijn ‘let them talk’ tijdens ruzies of, heel modern, ‘bel me op m’n mobiel’.

Nederlandse streekdracht is bijna uit ons straatbeeld verdwenen, maar in de Nederlands-Surinaamse gemeenschap wint de traditionele kotomisi juist aan populariteit. De koto wordt gedragen op dansfeesten en tijdens de viering van ‘keti koti’, de afschaffing van de slavernij op 1 juli. ‘De koto laat zien wie je bent en geeft je kracht’ vertelt één van de vrouwen die voor de tentoonstelling werd gefilmd.

Openluchtmuseum bekent kleur

Een achttal Surinaamse kotomisi’s werd in 1969 door de NV Billiton Maatschappij geschonken aan de ‘Collectie Koningin Wilhelmina’ die door het Nederlands Openluchtmuseum wordt beheerd. Ze zijn echter nooit eerder tentoongesteld. Ondanks dat Suriname nog tot het Koninkrijk der Nederlanden hoorde, oordeelde de toenmalige directie dat deze kleding niet thuishoorde in een museum over de Nederlandse volkscultuur. Tegenwoordig is de koto voor Nederlandse vrouwen van afro-Surinaamse afkomst een manier om hun identiteit te onderstrepen. Vanzelfsprekend bekent het Openluchtmuseum nu kleur en geeft deze bijzondere collectie een prominente plaats.

Kotomisi's en slavernijverleden

Over het ontstaan van de kotomisi bestaan verschillende verhalen. Nederlandse plantage-eigenaren zouden hun slavinnen hebben gedwongen deze verhullende kleding te dragen. Daarmee zijn de kostuums ‘pijnlijk erfgoed’, dat herinnert aan de slavernij. Een andere lezing is dat de kotomisi zich pas ontwikkelde ná de afschaffing van de slavernij in 1863. Het kostuum kreeg zijn huidige kenmerkende vorm nadat het in 1879 in Suriname verboden werd om met bloot bovenlijf te lopen. Het korte uitstaande jak kwam in de mode en ook bereikte de rok in deze periode haar enorme omvang.

Collectie Koningin Wilhelmina

De oorsprong van de streekdrachtcollectie ligt al in 1898. Bij de inhuldiging van Koningin Wilhelmina werd de tentoonstelling Nationale klederdrachten van Harer Majesteits onderdanen georganiseerd in het Stedelijk Museum te Amsterdam. De tentoongestelde kostuums werden later overgedragen aan het nieuwe Nederlands Openluchtmuseum, maar gingen in de tweede wereldoorlog grotendeels verloren. Een vervangende collectie werd in 1949 aangeboden aan prinses Wilhelmina als Nationaal Geschenk voor haar 50-jarig regeringsjubileum. De collectie ‘Koningin Wilhelmina’ – in beheer van het Nederlands Openluchtmuseum - geldt als de meest toonaangevende verzameling streekgebonden kleding in ons land.

Deze tentoonstelling is mede mogelijk gemaakt door:
BankGiro Loterij
Vrienden van het Nederlands Openluchtmuseum
St. Nederlandse Volksklederdrachten ‘Collectie Koningin Wilhelmina’