Op de racefiets

Op de racefiets

Onderzoek naar het kleedgedrag van de hedendaagse man

Door Hans Piena op 24-4-2015

Deel 3 van 3. Buurman Jan in roze stretch

Op een ochtend hoor ik het geklikklak van hakjes en ik kijk onwillekeurig op. Mijn adem stokt als ik buurmans mollige lichaam in een hard roze stretch pakje naar buiten zie wankelen. Wat gaat die doen?! Duizend gedachten schieten door mijn hoofd. Het is geen carnaval…..Is hij uit de kast gekomen? Komt het er na jaren in één keer allemaal uit?! Wil hij híermee over straat?! Moet ik hem niet tegen zichzelf beschermen? Geschrokken grijp ik naar mijn bril. Dan zie ik dat zijn roze pakje bezaaid is met reclame en dat de hakjes geen pumps maar racefietsschoenen zijn. Met een zucht maar niet minder verbaasd plof ik terug in mijn stoel. Jan is in één nacht van gedaante verwisseld. En even buiten het hek staan nóg meer roze mannen te wachten. Op al hun lichaamsdelen prijken  namen van bergketens, banken en verzekeringsmaatschappijen. Nu zullen die instellingen mijn buurman een warm hart toedragen. Maar ik kan me nauwelijks voorstellen dat ze ook zijn afslankpoging subsidiëren.

Wielridder
Achter het schuurtje klikt Jan snel in  zijn pedalen. In vol ornaat wil hij de poort uit rijden. Het doet denken aan een ridder die zich in de beslotenheid van zijn  kasteelmuren in een harnas hijst om vervolgens de ophaalbrug af te denderen alsof hij in die uitrusting geboren is. Maar Jan verliest zijn evenwicht. Snel probeert hij een voet aan de grond te krijgen maar blijft in zijn pedalen steken. Luid vloekend valt hij zijdelings het rozenperkje in. “Wat doe je!” gilt zijn vrouw terwijl ze verschrikt naar buiten snelt. Met een rood hoofd en de fiets boven op zich krabbelt hij overeind. “Moet je je hak niet naar buiten draaien?!” oppert ze geschrokken. Zonder om te kijken loopt Jan de poort uit en rijdt even later toch nog met zijn makkers de strijdvelden tegemoet.

Tour de Haute Veluwe
WielrennersRond de Tour de France gebeurt er iets opmerkelijks en niet alleen met mijn buurman. Het lijkt wel of je naar een natuurfilm zit te kijken. Tienduizenden blanke mannen van 50 plus ontpoppen zich tot tropische vlinders met kleuren die ze naar hun werk never-nooit-niet aan zouden trekken. Ze worden lid van een van de 550 verenigingen zoals de gereformeerde wielervereniging De Bierpul. (In de naam ligt al besloten dat er van afvallen weinig terecht zal komen.) Deze naar heldenstatus hunkerende jongere ouderen spelen vervolgens pelotonnetje in evenementen als de Tour de Haute Veluwe.

Laat hem maar even
Vroeger fietsten mijn buurman en zijn vrouw samen. Als zijn vrouw nu gaat fietsen wil buurman nog wel mee, maar dan alleen op zijn racefiets en in vol ornaat. Hij blijft daarbij een stukje achter opdat de illusie van de Mont Ventoux niet  wordt verstoord door zijn rijk bedeelde vrouw in bloemetjesjurk en elektrische Gazelle. Als ze na elkaar voorbij komen kijk ik haar medelijdend aan. Maar ze knikt me geruststellend toe: “Laat hem maar even, nog ‘n zomer of twee en dan fietst ‘ie gewoon weer naast me.”

Aan de kant!
Zo zoeft Jan ons ’s zomers in zijn peloton voorbij. Eerst groette ik nog, zoals wij elkaar altijd groeten. Dat was dom. Eenmaal in functie op de racefiets groet Jan niet meer, al herkent hij ons. Een lid van de militaire erewacht zwaait ook niet naar zijn buurman. Roepen doen ze wel, naar alles wat beweegt: “Aan de kant! Aan de kant! Aan de kant!”

Lees ook deel 1: Naar het werk en deel 2: Wandelen.