• Amsterdamse Westerstraat  1
  • Amsterdamse Westerstraat  2
  • Amsterdamse Westerstraat  3
  • Amsterdamse Westerstraat  4
  • Amsterdamse Westerstraat  5
  • Amsterdamse Westerstraat  6

In de Amsterdamse Westerstraat

Pottenbakkersgang, 2001
De Pottenbakkersgang is genoemd naar pottenbakkers die hier in de 17de eeuw werken. Dergelijke smalle stegen leiden naar woningen op achtererven, gebouwd voor arbeiders. Door overbevolking en armoede raken ze in de 19de eeuw verkrot. Aan de Pottenbakkersgang wonen omstreeks 1900 negen gezinnen in barre omstandigheden.

Tot 1900 zijn overal in Nederland nog uitgewoonde, overbevolkte krotwoningen te vinden. Na de woningwet van 1901 komen hiervoor langzamerhand betere arbeiderswoningen in de plaats. Wat lange tijd de gangbare huisvesting was voor de armen, is zeldzaam geworden. Dit unieke erfgoed van de armoede vormt de harde realiteit achter de idylle van de gezellige Jordaan.

De steeg is herbouwd zoals hij in 2001 is aangetroffen. De graffiti op de wand schetst vier thema’s: Amsterdam in de Gouden Eeuw, met de Jordaan als nieuwbouwwijk, de geschiedenis van migranten en Aletta Jacobs, de eerste vrouwelijke huisarts in Nederland, die gratis spreekuur houdt voor de armen in de Jordaan. Het laatste thema is de schat van de Pottenbakkersgang: krotwoningen als erfgoed.

De twee panden zijn in het museum gewisseld van plaats, zodat er weer een gang zou ontstaan en de benauwdheid van de Pottenbakkersgang te ervaren is.

'Turkenpension', 1970
In de huizen aan de Westerstraat zijn een postkantoor, een Turkenpension en een Jordanees café ondergebracht.

Met de toenemende welvaart stijgt vanaf 1960 de Nederlandse behoefte aan werkkrachten. Naar Duits voorbeeld selecteren bedrijven gastarbeiders in Turkije. Een wervingscontract tussen Nederland en Turkije regelt hun komst. Vooral tussen 1964 en1967 komen veel Turkse arbeiders naar Nederland.

Deze voormalige behangzaak van Gasman is in 1970 als gastpension in gebruik. Er wonen ook arbeiders uit andere landen, maar in de volksmond heet het toch ‘Turkenpension’. De inrichting van dit pension is geïnspireerd op unieke beelden van fotograaf Koen Wessing in het Jordaanse pension De Tijdgeest. Ze tonen de Turkse arbeiders in hun dagelijks leven. Hoe wonen ze? Hoe ziet hun dag eruit? Wat zijn hun verlangens, dromen, herinneringen en ervaringen?

Café Tante Stien, 1974
 De Jordaan heeft rond 1975 tientallen kroegen. Liefhebbers van opera vinden hun weg naar de Twee Zwaantjes, bij Co Meijer komen ‘de vaste jongens’ samen voor een gezellig potje biljart en voor een goed verhaal kun je terecht bij de pijprokende ome Herman op de Noordermarkt.

Het café in het Openluchtmuseum is geïnspireerd op café de Koevoet, een kleine buurtkroeg uit de Lindenstraat. Tante Stien zwaait hier lange tijd de scepter. In 1972 neemt Frank Reinbergen de kroeg over. Met goedkope maaltijden weet hij studenten te trekken. De Koevoet herbergt dan een gezellige mengelmoes van oude Jordanezen en nieuwkomers. De borrel wordt er met een kop geschonken en op zondagmiddag klinken, bij de accordeon, luid de Amsterdamse levensliederen.

Postkantoor, 1957
Tot ver in de jaren tachtig van de twintigste eeuw heeft iedere stadswijk zijn eigen postkantoor. Aan het postkantoor kan niemand voorbij. Het is een druk knooppunt van communicatie en geldverkeer. Klanten bezoeken het postkantoor niet alleen om postzegels te kopen en pakketjes te verzenden. Ze betalen er ook hun rekeningen, nemen geld op, storten geld op het rijksspaarbankboekje en wisselen guldens om tegen buitenlandse valuta. Ze verzenden een telegram, voeren een telefoongesprek en regelen een luistervergunning voor de radio.

In het postkantoor vindt u sporen van de drie kerntaken van de PTT: Post Telegraaf Telefoon. De postbusjes laten de gevarieerde bedrijvigheid in de Jordaan zien in de jaren vijftig.

Detail informatie

Plaats:Amsterdam Verplaatsing:2012 Museumlocatie:Plattegrond (99)