Kamperen

Kamperen met de tent of caravan behoort al decennia lang tot de favoriete vakantiebezigheid van Nederlanders. Aanvankelijk was kamperen iets voor de padvinderij, maar na de Eerste Wereldoorlog kwam daar verandering in. De meeste mensen kregen het wat beter en hielden geld over om aan een niet al te dure vakantie te besteden. Eén van de goedkoopste vakanties was de fietsvakantie.
 
Fietsvakantie 1936
Tegenwoordig kijkt men niet meer raar op van een vakantie per fiets door de Sahara, maar in 1936 stond de fietsvakantie nog in de kinderschoenen. Een meerdaagse tocht vanuit het westen van Nederland naar de verre Veluwe was een hele onderneming. Je kon niet zomaar naar de winkel stappen om lichtgewicht kampeermateriaal aan te schaffen. Veel moest zelf gemaakt of aangepast worden, zoals de fietskar met kampeerkist. De fietskar is onderdeel van een kampeeruitrusting die het Nederlands Openluchtmuseum in 2007 heeft verworven. Een tent, een tandem, zes rugzakken en allerlei kampeerartikelen zoals donzen slaapzakken, kookgerei, veldbedden, een Optimus spiritusbrander en vlaggetjes maken deel uit van dit ensemble, dat tot ver in de jaren zestig van de twintigste eeuw zijn dienst heeft bewezen.
 
Familie Van Dam
Door de uitvoerige documentatie en de berekening van alle uitgaven voor de bewuste vakantie in 1936 is bekend dat de fietskar met een passende kist bij een plaatselijke smid werd besteld. Veel van de overige kampeerspullen werden aangeschaft bij de kampeerwinkel Carl Denig in Amsterdam. In de beschrijvingen is te lezen dat de reis werd ondernomen van 8 - 15 augustus 1936 en dat de reis het gezin Van Dam, inclusief cadeautjes voor de kinderen, 380 gulden heeft gekost.

De compleetheid van het ensemble, de goede staat waarin de spullen verkeren en de uitvoerige meegeleverde documentatie geven een mooi beeld van het vroegere kamperen, wat voor menig Nederlander nog steeds onderdeel vormt van zijn of haar dagelijks leven.



 
Kamperen