• Kindererf 1
  • Kindererf 2
  • Kindererf 3
  • Kindererf 4

Kindererf

  • Mogelijk van 25-03-2016 t/m 30-10-2016
  • Personen: N.v.t.
  • Leeftijd: Tot de lunch zijn er activiteiten speciaal voor kinderen in de leeftijd van 3 t/m 5 jaar, vanaf 13.00 uur kunnen alle kinderen de boer(in) in de stal komen helpen met klusjes.

Paarden in het Openluchtmuseum

Onze paarden stammen af van het wilde paard. In sommige dierentuinen zijn paarden te zien die daar sterk op lijken, de zogenaamde przewalskipaarden. Ongeveer 5500 jaar geleden begonnen mensen wilde paarden tam te maken. Eerst werden ze vooral gehouden voor het vlees, maar later ontdekte men dat een paard een goed trekdier is. Nog weer later gingen mensen een paard als rijdier gebruiken. Het duurde niet lang voordat in de oorlogsvoering gebruik gemaakt werd van de snelheid en het indrukwekkende imago van paarden.

Paarden werden op den duur geselecteerd op eigenschappen. De één wilde grote paarden die snel konden lopen, de ander een stevig trekpaard en een derde een vurig strijdros. Zo ontstonden er verschillende typen paarden. Daarbij was ook van invloed dat paarden zich aanpasten aan hun leefomgeving.

In Nederland werden paarden vooral gebruikt in de landbouw. Aan het type was te zien of het op zware klei of op lichtere zandgronden moest werken. In de eerste helft van de 20ste eeuw werden in verschillende streken van Nederland diverse paarden gefokt voor het boerenwerk: Friesland, Groningen, Zeeland en Gelderland hadden harde werkers met min of meer rastypische kenmerken. Na de komst van landbouwmachines verloor het paard zijn functie als trekpaard. Daardoor is het aantal paarden dat als trekdier gebruikt werd drastisch achteruit gegaan.

In het Openluchtmuseum wonen twee paarden: Tinus, een Gelders paard en Omar, een Groninger paard